Historisch IJsplezier in Reeuwijk: Van Bot naar IJzer

Tekst: Eke Vos

Beeldmateriaal: Cornelis Hagen

Wie weet gaat het er de komende dagen met temperaturen rond en onder het vriespunt er toch nog van komen. IJspret, want is nog niet zo lang geleden dat schaatsen in Reeuwijk vrijwel iedere winter net zo’n geliefde winteractiviteit als elders in waterrijke gebieden. Fanatieke bewoners snelden enthousiast het ijs op zodra het maar even kon, maar in tegenstelling tot de moderne klapschaats was het beginnen met schaatsen een letterlijke botsing met de natuur.

Van Glis tot Friese Doorlopers

De allereerste schaatsen waren niet meer dan runderbotten onder de voeten gebonden, een primitieve vorm van glijden. Deze oeroude schaats, bekend als ‘glis’, vereiste stokken voor voortbeweging, vergelijkbaar met langlaufen. Het oudste schaatsartefact in ons Streekmuseum, afkomstig uit de omgeving van Reeuwijk, is dan ook een stuk bot (glis) uit de grond van een negentiende-eeuwse kerk aan de Middelburgseweg.

Na deze botte oorsprong evolueerde het schaatsen in de regio naar ijzeren exemplaren. De collectie van het museum omvat naast de bekende Friese doorlopers ook Zuid-Hollandse schaatsen, waaronder de Waddinxveense, Linschoter, Ouderkerkerschaats en de Bergambachter. Tot het midden van de 19e eeuw kwamen de meest verfijnde schaatsen uit Zuid-Holland en Utrecht, waar het meeste geld te vinden was. Pas in de jaren 50 en 60 van de 19e eeuw begonnen de Friezen hun stempel te drukken op schaatsontwerp, met de Bergambachter als leidend model dat zelfs door grote fabrikanten zoals de firma Nooitgedagt in IJlst werd overgenomen.

Koninginnenschaats: Een Majestueus Design

Binnen de schaatsvitrines van het Streekmuseum prijkt ook een bijzonder paar: de Koninginnenschaats, ontworpen in 1891 door een Leidse student. Nadat Koningin Wilhelmina eenzelfde paar bestelde in het Friese Akkrum, werd deze elegante schaats tot 1950 vervaardigd.

Meer IJspret op de Breevaart

Het wintervertier op de Breevaart beperkte zich niet tot schaatsen alleen. Tijdens langere vorstperioden kwamen ook priksleeën tevoorschijn, een ijsvermaak voor alle leeftijden. Voor wie te jong of te oud was om op ijzers te staan, bood de slee met stalen punten op de stokken een alternatieve manier om over het ijs te glijden. Zelfs bij de laatste keer dat de Breevaart stevig bevroren was, bleef de pret hoogtij vieren!

De rijke schaatshistorie van Reeuwijk blijft levendig dankzij de waardevolle collectie in het Streekmuseum, waar elke schaats een verhaal vertelt over de evolutie van winterse tradities in onze geliefde regio.

MEER

Deel dit bericht:

Facebook
Twitter