Lang leve de Kaaskoningin

70 jaar Kaaskoningin in een dorp dat groot werd dankzij de kaashandel

Over een paar uur is het zover. Na alle coronajaren krijgt Bodegraven eindelijk weer een nieuwe kaaskoningin zodra precies om 18:15 de kersverse titeldraagster de Willibrordschool in Bodegraven verlaat.  Marlou Bink-Verkleij, de Kaaskoningin van 2019, is daarmee na drie jaar Kaaskoningin af. Ook haar hofdames Tess van der Gugten en Sanne van de Poll ontdekken vandaag wie hun eervolle taak om de Kaaskoningin bij te staan, gaan over nemen.

In 1882 werd in Bodegraven formeel de eerste kaasmarkt gehouden. Voortaan kwamen iedere dinsdag de zelfkazende boeren naar het dorp om hun kazen te verhandelen. Vooral in de jaren ’20-’30 van de vorige eeuw kwam de kaashandel tot grote bloei en kregen veel familiebedrijven pas echt vaste grond onder hun ondernemersvoeten. Precies 70 jaar later, op 13 september 1952 was de kaaskoningin een feit en dat is grappig genoeg dit jaar ook weer 70 jaar geleden.

Heidekoningin

Rond het 50-jarig jubileum van Koningin Wilhelmina ontstond het idee om een feestelijk tintje te geven aan een marktdag in het najaar en het succes van die dag smaakte naar meer. De aanleiding was al snel gevonden toen in het voorjaar erna de commissaris van de Koningin aankondigde een bezoek te brengen aan Bodegraven. Het werd de meikaasmarkt van 9 juni 1949. Die beviel al net zo goed, dat men besloot voortaan zowel in het voorjaar als in het najaar een groot dorpsfeest voor de kaashandel te organiseren.

De zoektocht naar een publiciteitsstunt rondom de festiviteiten leidde via Ede naar de Heidekoningin en daarmee was het idee voor de Bodegraafse versie, de kaaskoningin, geboren. In 1952 viel Lien van der Werken de eer toe als eerste deze glansrol te mogen vervullen.

De eerste Kaaskoningin Lien van der Werken (19

Er is maar een Koningin

Hoe gracieus de toen nog mejuffrouw van der Werken haar taak ook uitvoerde. Niet iedereen in Bodegraven was even enthousiast over het idee. Het is nu moeilijk voor te stellen, maar de jaren tussen 1953 en 1968 waren ‘Kaaskoninginloos’, omdat volgens veel koningsgezinde inwoners er maar een Koningin kon zijn en dat was vanzelfsprekend Juliana. Het bezoek van de oma van Koning Willem Alexander in 1954 versterkte dit sentiment.

Uiteindelijk wordt in 1968 de draad weer opgepakt en toen Gerda van Os sr de staf overnam als tweede Kaaskoningin. Sindsdien is er onafgebroken jaarlijks een nieuwe Kaaskoningin geweest. Met uitzondering van 2020 en 2021 vanwege de coronamaatregelen.

Het mysterie van de staf van de Kaaskoningin

Zoals iedere traditie kent ook de Kaaskoningin haar eigen mysterie, want hoewel de staf van de ‘koningin’ ís te bewonderen aan de muur in het Kaasmuseum in Bodegraven, is het gebruik deze te overhandigen aan de nieuwe ambassadrice van de kaas verdwenen en weet vrijwel niemand het fijne ervan. Slecht op een aantal foto’s uit een ver verleden is de staf nog in ‘handen van ‘ te zien. Zoals bij Lien van der Werken in 1952. Ook het Kaasmuseum vermeld keurig op zijn site dat de staf jaarlijks bij het voorstellen van de Koningin aan de burgemeester uit zijn handen overhandigt krijgt. In praktijk is dit maar een beperkt aantal jaren gebeurd. Waarom de staf uit de traditie is verdwenen is onbekend.

Hoe wordt je Kaaskoningin

Inmiddels is de Kaaskoningin als ambassadrice voor kaas een belangrijk onderdeel geworden van de feestelijke Najaarsmarkt die tegenwoordig drie dagen duurt. Leny van Eijk-Os, co auteur van het boek Kaas over de Bodegraafse kaashandel en voormalig hofdame, is jarenlang als secretaris van de Marktcommissie verantwoordelijk geweest voor de keuze van de nieuwe koningin en vertelt hoe dit in zijn gang gaat. “Naast uitstraling is er maar een belangrijk criterium. Er moet kaas door het ‘bloed stromen’”. Vandaar dat de Kaaskoningin het ene jaar een vertegenwoordigster is uit de handel en het jaar erna vanuit de zelfkazende boeren komt.

Immateriaal erfgoed

Vorig jaar kreeg de Kaaskoningin zelfs het predicaat Immaterieel Erfgoed toegekend. Als ‘cultuuruiting die wordt beleefd als erfgoed en een gevoel van identiteit en continuïteit geeft ‘. Hoewel Woerden sinds 2015 zijn Kaaskoning kent, kwam daarmee de ‘koninklijke vrouwelijke titel’ definitief in handen van Bodegraven.

Het best bewaarde geheim

Wie ieder jaar de nieuwe Kaaskoningin wordt, is misschien wel het best bewaarde geheim van Bodegraven. Naast de toekomstige koningin en hofdames zelf, zijn alleen de secretaris van de Marktcommissie/Evenementen Commissie Bodegraven (ECB), diegene die de kleding verzorgt en de kapster van te voren op de hoogte. Lekt de naam uit dan wordt er onverbiddelijk een nieuwe titeldraagster gezocht. Iets wat overigens in al die jaren nog nooit is gebeurd.

Het is dus nog even wachten tot vanavond voor dat we weten wie het wordt. Toch is er al iets bekend. Kwam. Marlou Bink Verkleij uit de kaashandel, dit jaar gaat de titel naar een Koningin met een zelfkazende achtergrond.

Annemarie Visser

Met dank aan Leny van Eijk-Os en Cock Karssen

MEER

Deel dit bericht:

Facebook
WhatsApp